Achter elke dijk gelijken

een polder
zoals de Dogger zijn polders kent
een vette polder voren vol
en onder de klei een man
willig en ijskoud weggelegd
verborgen in verder polder leeg

wat voor ons ligt is lang geleden

dan steekt de man een vinger uit de grond
binnendijks priemt een koot van leven
wriemelt, wormt, wrikt en worstelt
de vinger krabt de lucht

wat ligt heeft voor ons geleden

met een paar flinke halen
molt de man zich boven
toont zich de zwarte de blanke
bedenkt zich Ali ontpopt zich Henk
teugt zich het land en is van Dogger

wat verleidt ons toch het liggen

achter elke dijk vermoedt hij gelijken
strekt de armen sterk breeduit
wroet met zijn vingers tot boetseer
wat lijkt op vrouw of metgezel
noodt tot kijken en daar gelaten

wat verlicht is voor ons het heden

bruine nagelmanen vol mest
de rimpels tot jeuk geloogd
droogt iets uit een ver verleden
stapt hij trots de polder door
huilt de wind zijn lichaam
zuigend sop het treden

wat heden voor ons ligt

een polder
zoals de Dogger zijn polders kent
heden deze man
morgen de aarde
grond bol van wellen
zilt de grond als bodem

* * *

Aschwin van den Abeele (Westdorpe, 1971), presenteert op vrijdag 28 april zijn gedichtenbundel Dogger (vrij toegang: aanvang 19.30 uur in atelier SmithArt, Singelstraat 13 te Middelburg). In deze bundel neemt hij ons mee naar het imaginaire, tijdloze en tussen verdronken dorpen gelegen Dogger. Hij gaat op zoek naar verbinding tussen mens en landschap. Leven wij in het landschap, of leeft het landschap in ons? Beschrijven wij het landschap, of wordt onze taal door het landschap gevormd?

Van den Abeele publiceerde meerdere malen in literair periodiek ‘Ballustrada’, in verschillende bloemlezingen en is de huidige Stadsdichter van Middelburg. Dogger is zijn debuut en komt uit bij Uitgeverij Liverse.