Casa Portiera ABC - Art, Books & Coffee
Marge‐
links
XXXXXXXXX

XXXXHomeXXXX

XXXArt, BooksXXX
& Coffee

XXXGedicht op
XXXgoed geluk

Mededelingen

Evenementenx

xxArchiefxxx

xxContactxxx

Marge‐
rechts

Wekelijks plaatst Casa Portiera ABC een gedicht uit eigen collectie.

Pijnbank (Gwij Mandelinck)
Je strijkt. Terwijl je voet naar binnen staat
gedraaid, lijk je ingekeerd te zijn.
Zodra je mij bedreigt gaan neus en lip omhoog.
Die geven tanden bloot. Je hoofd wordt rood...
Meer >

De heelalangst van onze schreeuw (Geert Jan Beeckman)
Het kan niet hemelser worden gezegd
maar ooit waren wij onsterfelijk
zo onbelemmerd onszelf.
Wij gingen nergens de doofpot in.
Meer >

(de reis van de nachttovenaar) (Breyten Breytenbach)
je zegt dat poëzie een schaduwspel is?
dat betekenis altijd op het punt staat te vertrekken
en het gedicht als een afgeworpen huid achterlaat?
luister...
Meer >

Winter (Herman de Coninck)
Winter. Je ziet weer bomen
door het bos, en dit licht
is geen licht maar inzicht:
er is niets nieuws
zonder de zon.
Meer >

De enige astronaut heet Laika (Lieke Marsman)
Ik snap niet waarom het niet langer mijn droom is een astronaut te worden. Toen ik nog jonger was kende ik alle sterren uit mijn hoofd en waar aan de hemel ze stonden.
Meer >

Waarom ik geen journalist werd (Rien Vroegindeweij)
Op zondagavond stonden de mannen
die geen geloof hadden op de kade
met uitzicht op de haven.
Meer >

voorbij de poort (Yvonne Wagenaar)
dag lief, ik ga nu echt,
ik vraag je: wacht op mij,
hier bij de poort, verander niet teveel
heus, ik kom terug...
Meer >

Traject van het licht (Yvon Né)
nochtans schenkt het heden iets,
dat nú niet dit te stelpen is,
waar het steeds de tijd doorbloedt,
de grond doordrenkt, en drinken doet
Meer >

Al ben ik een reiziger (Hans Andreus)
Al ben ik een reiziger, ik woon hier en heb wat hier ook woont min of meer lief: man, vrouw en kind, bomen, gras en rivier...
Meer >

Terug (Nachoem Wijnberg)
Al ben ik een reiziger, ik woon hier en heb wat hier ook woont min of meer lief: man, vrouw en kind, bomen, gras en rivier...
Meer >

Changement de décor (Ellen Warmond)
Zodra de dag als een dreigbrief in mijn kamer wordt geschoven worden de rode zegels van de droom door snelle messen zonlicht losgebroken.
Meer >

De hemel is een strakke band (Dirk Vekemans)
Als de regen valt, valt de regen niet van hoog, de hemel is de hemel niet, de hemel spant veelal de lucht in strakke gordels zus met ademresten zo.
Meer >

Signalement (Stefaan van den Bremt)
Dit is mijn enige volstrekte daad: dat ik geboren ben. Waarbij ik ongetwijfeld schreeuwde als vermoord; zoals het hoort.
Meer >

Zo’n dag (Roel Richelieu van Londersele)
de man, het naamloos uithangbord van een straat van onbekende leegte zonder vuur rookt hij een pauze op, doof voor het middaglicht...
Meer >

Stel je voor (Miriam Van hee)
stel je voor dat er diep binnenin je een buitenland ligt, dennen, sneeuw en barakken, land zonder bodem, je haalt het niet op.
Meer >

Werk in uitvoering (Ellen Deckwitz)
Soms lijkt het hier wel een oneindig festival, en op andere dagen ben je er eenzamer dan op een luchthaven.
Meer >

UHH,,,I AM SORRY I KNOW NOTHING OF FORM!! (Simone Atangana Bekono)
er wordt veel over me gefluisterd ik mis tucht dus ik vraag stergespreid om tucht waarmee ik bedoel ik mis mijn meesters niet...
Meer >

Als op een zomeravond (Guido Utermark)
Een minimumaantal mieren verplaatst zich vitaal over en tussen de met grasgroene verf bevlekte krantenberichten...
Meer >

stand van zaken I (Herman Leenders)
je bent nog jong zegt mijn moeder al mijn leven lang en ze heeft gelijk ik kan nog rennen springen klaarkomen geniet ervan zegt zij...
Meer >

De weg (Christine D’haen)
Onder de boom van verlichting zat Siddhãrta, toen de schande ontsluierd was van ouderdom, van ziekte, en van dood.
Meer >

In vuur (Karel Wasch)
Pas toen je kwam met manen van dronkenschap, spattende stap die winterkou herbergt, schaduw voor zonlicht...
Meer >

Oudejaarsavond (Delmore Schwartz)
Ik ben de beluste en ongetrooste; de verloren zoon, verbannen van huis. Mijn poolster was hoop, die ster was groots...
Meer >

Pogrom (Ed Hoornik)
Is dat de maan, die naar het laatst kwartier gaat, of een gelaat, omgord door walm en vlam? Waar is Berlijn, en waar de Grenadierstraat?
Meer >

Saamhorig (Luuk Gruwez)
Er moet een wereld van verloren dingen zijn waarin een handschoen, inderhaast vergeten, het aanlegt met een oude krant...
Meer >

Exodus (fragment) (Hugues Pernath)
De jaren waarop de smet rust, het bedrog, het beven. Geen klok hoor ik ooit nog luiden.
Meer >

Begin (Michiel Huisman)
laat niet weerkeren de aarzelende jaren toen niets zich afscheidde en materie hamerend was en keihard...
Meer >

Levensbron (Nico Scheepmaker)
De zee is de zee, een geweldig vat waarin dood en verderf regeren. Ik neem op zijn tijd een verfrissend bad...
Meer >

Niets meer te zien (Ira Bart)
Waar het allemaal was ligt de zon op het water. Meer is er niet vraagtekens van verlangens, hoorntjes van verdriet.
Meer >

Winter (Will van Broekhoven)
Denkt zij ook wel eens terug aan de dag tevoren? Dorre bladeren verblindend mooi hoe gelaten en talrijk ze ook vielen voorgevoel bleef achterwege...
Meer >

Zondagmorgen (Thom Schrijer)
Tegen het brede verzinsel van de zondagmorgen luidt een klok voor godsgebruik, herhaalt een man hardop waar hij zijn ziel heeft opgeborgen...
Meer >

Als tuin (C.O. Jellema)
’t Moest zijn dat buiten wat je hand aanraakt van jou bezit nam als de reeds verwachte: je hebt grond om te planten los gemaakt...
Meer >

Vogels (Louis Th. Lehmann)
Zeevaarders wilden altijd vogels Sumeriërs brachten naar de kaden van Ur de pauwen van de Indus. Zeevaarders willen altijd vogels...
Meer >

What's in a name (Jabik Veenbaas)
mijn naam had iets ongemakkelijks het was een hindernis haast pas later begreep ik waarom mijn grootvader had hem gedragen die avond...
Meer >

Colonoscopie (Dieuwke Parlevliet)
Sinds de zeetong op haar zij tot platte vis geslagen is tast ze met draadjes naar wormen, kreeft en krabbetjes al weken heeft ze last van lichte pijn...
Meer >

Verstandhouding (Dirk Kroon)
zoals beloofd is tussen ons hebben wij eeuwen lang neergelegd en – vingers vertekend – een nu aangericht verwijderd van vrede verdwaald in de feiten...
Meer >

Oertoon (Kees Hermis)
Het bewoont roerloos het lange ademhalen van brokken graniet in de branding gevoed door opkomend licht maakt het zich los van zijn verborgen placenta...
Meer >

Burger in het park (Hubert van Herreweghen)
Daar loopt een ernstig man, gezien, geëerd, gevreesd en niet bemind, een wandelende burcht.
Meer >

Slechtmaand (Jan. G. Elburg)
knorrig de jichtige takken nogal krepel dansen er zwaait nogal er fluit wat op pijpestelen als tuinfeest een koude kermis geen breughel...
Meer >

Achter elke dijk gelijken (Aschwin van den Abeele)
een polder zoals de Dogger zijn polders kent een vette polder voren vol en onder de klei een man willig en ijskoud weggelegd...
Meer >

De hemel (Juul Kortekaas)
Ze lag daar de vrouw in windsels op een baar ze lag daar in de oude schuur van haar vierde man/ onderweg het bord gezien: DE HEMEL GESLOTEN...
Meer >

Ik heb het land aan water (Raymond van de Ven)
Ik heb het land aan water en leef met eb en vloed het strand is mijn theater de zee zit in mijn bloed...
Meer >

Dat het lente leek en ook weer niet (Monique Leegwater)
Op een witte weg kwam ik mijn moeder tegen. Het was nog vroeg, ze droeg een gele capuchon en groene schoenen. Het was december de zon scheen vals.
Meer >

Walcheren bij avond (Johanna Kruit)
De dag gaat dicht als een deur. Jij schudt een sprookje uit je mouw. We lopen langs het duinpad naar de sterren en open gaat de nacht.
Meer >

Zelfkennis (Anna de Bruyckere)
Als je een ander dan jouw eigen deel van de wereld kon zijn, wat was je dan? Als je een dier was en gewelf of grond, een ander mens –
Meer >

Het bedoelde (Ester Naomi Perquin)
Er is een woord voor, al kan ik het niet vinden. Het is een hoog woord, tamelijk hoog tenminste, ten opzichte van de horizon.
Meer >

Acres road 7.1.75 / 9.15 uur (H.C. ten Berge)
Dit is geluk: stilstaand weer en de zon die mij toestaat de eindige landweg te overzien.
Meer >

Dat is pas dromen (Jan B. Kuipers)
Nu over de doden: ze zijn ingegaan tot U, al was dat een moeizaam verkleinen Zoals vroeger van zeer dikke zuurstokken...
Meer >

Goede tips voor dieper zwijgen (Erik Menkveld)
Nuttig een maaltijd samen aan zee. Leg de Tractatus gesloten op tafel. Laat de intieme ovalen van jullie longen zich enkele malen vullen met avond...
Meer >

Vogeltje (Philip Hoorne)
Een vogeltje overreden, over een vogeltje gereden. Het zat daar midden op de weg wat lam in kop en leden en deed niet wat vogeltjes doen...
Meer >

Gedicht om voor te lezen bij het aanvatten van vredesonderhandelingen (Willem M. Roggeman)
Wat je aan illusies verloor, won je aan gewoonten. Kijken naar de weerspiegeling van de schemerlamp in het raam.
Meer >

We vragen ons soms af (Mark Boog)
We vragen ons soms af wat er zo stinkt. Oud voedsel? Iets uit onze luie aarzen? Het naderende stampen van de laarzen negeren we het liefst.
Meer >

Thuis (Bauke Vermaas)
de eerste nacht in een nieuw huis eindigt met ontdekken aan welke kant van het bed de zon opkomt, hoe koud een tegelvloer in de ochtend...
Meer >

Het kind dat ik niet heb (Twan Vet)
Vanmiddag keek ik op de klok, schrok, griste mijn sleutels van de tafel en fietste hard naar het verlaten schoolplein waar ik uren wachtte op het kind dat ik niet heb.
Meer >

Sporen (Peter Knipmeijer)
Misschien is dit de laatste keer dat ik hier sta. Een tuin, een straat, een huis waar nog een naam op staat maar verder al is leeggehaald.
Meer >

Ook (Jannah Loontjens)
Nul handen houden niets vast. Nul graden bestaat misschien, maar toch. Melk wordt ook zuur van onweer. Vulkanen hebben namen die ook blijven als ze niet spuwen.
Meer >

Onderweg (Will van Broekhoven)
Jij die bijna doorliep kijkt me aan ik lees je gezicht o blijf alsjeblief tot het laatste woord en sta nog wat en zeg ze thuis ik sprak net iemand onderweg.
Meer >

Elegie voor Joseph Brodsky (Iliya Kaminsky)
Eerlijk gezegd, want die lieflijkheid tussen de regels is van geen belang meer, wat jij immigratie noemt, noem ik zelfmoord.
Meer >

Sacramentsdag (Ludwien Veranneman)
wij verkleedden ons met vleugels en droegen het ijzeren gewicht van wat straks opstijgen moest verbeelden...
Meer >

Onderwater (Meity Völke)
Ik herinner me dat ik geboren ben met handen van mijn vaderskant en wat daaruit is weggegleden.
Meer >

Je bent een eiland (Ingo de Moor)
Je bent een eiland en ik noem je onbereikbaar. Want waar is de sloep die redding brengt, het vlot dat trekt naar jouw zachte kust.
Meer >

Omne animal (Weer die vervloekte blues) (Ron Basart)
Wat meer beangstigt dan: ik zal er niet meer zijn, is de gedachte: alles gaat doodgewoon door, zei zij...
Meer >

Mechaniek (Alexis de Roode)
Een klein metronoom die tikt en draait, dat is de klok. Neutraal als hekwerkstaal. Niet wreed zoals het weer...
Meer >

Aan het roer dien avond stond het hart (Gerrit Achterberg)
Aan het roer dien avond stond het hart en scheepte maan en bossen bij zich in en zeilend over spiegeling van al wat het geleden had...
Meer >

Veldnotities I (Tijs van Bragt)
Er zijn veel manieren waarop je een lichaam achter kunt laten net als geboortegrond wie haalde met eigen handen...
Meer >

Boven Tooley street (Jean Luc Lambreghts)
De rek is uit de hemel, er gloort wat in de stenen. Waar een trap de wereld schoeit, herleeft gras als hologram.
Meer >

Tegen de afgrond (Dirk van Bastelaere)
Dat ik je aanspreek, stom hart, is natuurlijk complete waanzin, je bent een generiek gegeven uit de cultuurgeschiedenis.
Meer >

Gered (Jan Eijkelboom)
Op een nacht lag ik wakker en hoorde mijn hart niet meer slaan. Ik ging dus dood, niet uitverkoren of wedergeboren.
Meer >

1945 (Ed Leeflang)
De Duitsers stonden bewaakt bij elkaar bij de uitvalsweg, een troep verrotte augurken. Sommigen waren jongens zo oud als ik...
Meer >

Mogen engelen je naar het paradijs begeleiden (William Shakespeare)
Stil maar, m’n kleine. ’t Komt allemaal goed. Het einde ruikt bitter, maar ’t smaakt juist erg zoet.
Meer >

Postmodern (Rouke van der Hoek)
Jij die dacht dat je van niemand was... Wacht maar tot opeens je stam je roept, zonder uitweg de clan je diensten opeist...
Meer >

In de ochtend (Rogie Wieg)
Verwondering over de matte lichtval van deze ochtend, vol kersen en kleine regen...
Meer >

U, gast, bent de gids (Maud Vanhauwaert)
U, gast, bent de gist van dit gedicht lees en ik word geestrijk alleen als u als een dief in de nacht...
Meer >

De kamers zijn leeg (Maria van Daalen)
De kamers zijn leeg. De kranten zijn weg. De vensters zijn grauw. Bij de deur geen namen.
Meer >

De weg die we niet inslaan (Robert Frost)
In een geel bos gingen twee paden uiteen. Jammer dat ik ze niet beide kon nemen. Als een wandelaar uit één stuk bleef ik staan...
Meer >

Aan de mast (Erik Menkveld)
Wat is er zo gevaarlijk aan dit bovenmaatse zingen? Haal de was maar uit jullie oren. Wend de steven. Maak me los.
Meer >

Mijn liefste draagt de liefde (Dante Alighieri)
Mijn liefste draagt de liefde in haar ogen, waardoor zij alles adelt en verrijkt, en 't hart van elke man die naar haar kijkt...
Meer >

Maria beweert (Martijn den Ouden)
Maria beweert dat ze de zon in haar hond kan laten vedrwijnen hoewel zij misschien wel de mooiste vrouw op aarde is...
Meer >

Aan de andere kant van de muur (Hans Wap)
aan de andere kant van de muur was de kou binnen smolt de koelkast in hun eerste nacht...
Meer >

James Dean en het verdriet (Remco Campert)
We bestelden nieuwe drank. 'Vroeger dacht ik dat het wel mogelijk was om met enige intelligentie het verdriet te bestrijden,' zei ik.
Meer >

Kooklust (Marjoleine de Vos)
Met gretige borsten staat begeerte aan het aanrecht zoent het zaad uit tomaten, kijkt naar het zwellen van beslag...
Meer >

Wandeling bij avond (Bert Voeten)
Wij liepen licht van schrede de Beurs langs. Op den Dam waar blauw de schimmen gleden van omnibus en tram, strooiden de oude klokken...
Meer >

Klaaglied (Federico Gárcia Lorca)
Als een wierookvat vol verlangen loop jij door de klaarlichte avond met je donkere lijf van verschaalde nardus en een brandende begeerte in je blik.
Meer >

Bucketlist (Johan Meesters)
In een roestige emmer in een hoek van het terras stort ik mijn briefjes met opgegeven dromen relikwieën van toen ik dynamisch was...
Meer >

Je was zo witjes (Rainer Maria Rilke)
Je was zo witjes in je jurk van zijde, maar ik, ik wilde je als koningin; en liep naar buiten, naar de wilde weide, en riep tot haar: ik ben de najaarswind...
Meer >

In de ochtend (Rogi Wieg)
Verwondering over de matte lichtval van deze ochtend, vol kersen en kleine regen. Aangekleed, gekamd, maar wat ik doen zal...
Meer >

De duistere sterren (Primo Levi)
Laat niemand meer zingen van liefde of oorlog. De orde die de kosmos zijn naam gaf is ontbonden; De hemelse legioenen zijn een kluwen van monsters...
Meer >

Voorjaar (Umberto Saba)
Jij, voorjaar waar ik niet van houd, ik wil wel vertellen dat bij 't omslaan van een straathoek je voorteken mij als een dolk verwondde.
Meer >

Nachtrit (Menno Wigman)
Man, eententwintigste eeuw, kaal, gezet en met een onvervreemdbaar recht op seks ('Mijn naam is Legioen, wij zijn met velen')...
Meer >

Verlatenheid (Gerrit Komrij)
De dag daarop opnieuw het labyrint. Hier kom ik nooit meer uit. Nu is het weer Het beeld van gisteren dat mij verblindt.
Meer >

Oesters (Frans Deschoemaeker)
Waarin de zee zich indikt. De verte aanwaait. Waarin een zilte rimpel welt en zwelt, taalt naar verhemelte, tot zich...
Meer >

Hoe alles schuift (Sabine Kars)
dit donker moet verzonnen zijn de aangewende schapen kauwen op mijn vragen ze zijn te luid voor het horen tikken van de stilte...
Meer >

Geen beter leven (Anton Korteweg)
Dat nachtenlang getob over honger, neutronenbom, schrijvers en ander volk achter tralies waar het niet hoort – niets leverde het op.
Meer >

Middag in Auvergne (Johan Clarysse)
Het landschap is een lichaam dat zich traag vertakt. Hoe meer ik het begrijp, hoe meer het mij ontsnapt...
Meer >

Gesprek (Aschwin van den Abeele)
dit zou best wel eens een gesprek kunnen zijn zoals je met de buitenzijde van je vingers zacht op mijn wang inpraat...
Meer >

Tijd van leven (Julius Dreyfsandt Zu Schlamm)
haar hoofd rust zacht op mijn herfst droomt van een lange zomer waarin ik nog jaag, ren langs het strand en om een glimlach vraag...
Meer >

Nog iets over dagen (Roelof ten Napel)
Iemand zegt dat de beste dagen van zijn leven nog komen, en ik herinner me een ander die simpelweg zei...
Meer >

Narcisme (Kees Ouwens)
Wat, in godsnaam, heb je uitgevoerd? Heb je – ten minste – je dag geboekstaafd? Heb je alsnog geboekstaafd...
Meer >

Wederkomst (William Butler Yeats)
Verder en verder in een steeds grotere kring kan de valk de valkenier niet meer horen; valt alles uiteen, het midden begeeft het...
Meer >

Psalm 12 (Frank Koenegracht)
Help ons, Heer, er zijn geen vromen meer. Zeldzaam wordt trouw onder de mensen. Iedereen glimlacht en liegt tegen zijn buurman...
Meer >

Oudejaarsavond (Delmore Schwartz)
Ik ben de beluste en ongetrooste; de verloren zoon, verbannen van huis. Mijn poolster was hoop, die ster was groots, en snel...
Meer >

Begrafenisblues (W.H. Auden)
Zet stil die klokken. Telefoon eruit. Verbied de honden hun banaal geluid. Sluit de piano's, roep met stille trom...
Meer >

De doden (Bernard Dewulf)
Men zegt: de doden zijn hier niet. Het is niet waar. Nu ik ze nader raken wij elkaar al aan.
Meer >

Amerika, Amerika (DelmoreSchwartz)
Ik ben de dichter van de Hudson en de hoogten daarboven. Van de lichtjes, de sterren, de bruggen. Ik heb mezelf ook tot trans-Atlantische dichter gekroond.
Meer >

Geen spaak (Jane Leusink)
Dat we ooit konden weten hoe het echt was, vroeger toen we nog kinderen waren en achter op de fiets bij onze vader zaten...
Meer >

Uit de koers raken (André van der Veeke)
In het containertijdperk rolt de Schelde als een mechanische trap naar Antwerpen. Uit de koers raken klinkt dan veelbelovend...
Meer >

Teloorgang van de Hedwigepolder (Jacques Hamelink)
Het nieuws dat de Hedwigepolder onder water gaat kan nu beginnen te bezinken.
Meer >

Waddenzee (Han Gruschke)
misschien markeer je de avond als stapelwolken je ogen bewegen. Misschien ben je het signaal van de golven tegen de dijk van het wad...
Meer >

Stalstro (Laurens Geerse)
Stalstro heb ik u gegeven maar ge waart nukkig. Ik gunde u voeder maar u blies erin.
Meer >

Balans (Inge Müller)
Al wat ik zag en deed en dacht, wat heeft het opgebracht: voor wat ik deed kwam er weinig binnen voor wat ik heb bedacht geen cent.
Meer >

Huiselijke aubade (Leonard Nolens)
Nog en nog en nog ben jij mijn liefste. Dag en nacht en dag ben jij mijn liefste. Tot vervelens toe.
Meer >

Panta Rhei (Riekus Waskowsky)
Zoals laatst toen ik had gedroomd dat ik duizend jaar eerder leefde. Ik werd heel langzaam wakker...
Meer >

Nocturne (Hendrik de Vries)
Een toegang naar 't rijk der dromen. Geklapwiek, dat vaag verrast. Een kring halfgestorven bomen. Van doornen omkronkte bast.
Meer >

MAN. (IngridStrobbe)
Op elk gezicht is hij man, mijn man, in zichzelf gekeerd haalt hij me uit mezelf, keert me.
Meer >

Wat afwezig was, nog niet bestond, neem (Koos Schuur)
zo'n tros balonnen in het park, met gras dat overwoekerde bordes, opgetast vuilnis voor een kerk, of beek die aan de verte trekt...
Meer >

Beweeg, bewogen (Tania Verhelst)
herinner je je nog die man op het midden van een kruispunt en hoe die op een dag vervangen werd door een verkeerslicht?
Meer >

Om wat ik van de liefde weet (Koos Schuur)
Om wat ik van de liefde weet en van de vrouw die mijn moeder is, de vrouw die mijn vrouw is, de vrouw die mijn dochter zal zijn...
Meer >

De kleur van het vergeten (J. Bernlef)
aan de huid te zien hoe of men wegraakt sneller dan een steen maar trager dan een vlieg...
Meer >

De courtisane (Rainer Maria Rilke)
De Venetiaanse zon zal in mijn haar goud maken dat van alle alchemie het sluitstuk vormt.
Meer >

Het schrift van de dichter (Ewa Lipska)
De grafoloog buigt zich over het schrift van de dichter. Een routineverhoor van woorden.
Meer >

Voor een gestorven reporter (William Carlos Williams)
Onder die witte wenkbrauw is de geest gewoonweg gaan rusten – de ogen, gesloten, de lippen, de mond...
Meer >

Bevrijding (Chawwa Wijnberg)
Gelukkig vier mei is weer voorbij. Zij die prachtig twee minuten zwegen zijn weer naar huis en mogen weer een jaar vergeten.
Meer >

Zij aan zij (Annemarie Estor)
Wij gaan als ruiters door verbrande hei. Onze paarden hebben zelfs geen benen meer.
Meer >

Afwezig (Bernard Dewulf)
Als zij weggaat trekt het huis zich terug. Zij wuift nog en ik woon er al niet meer, om mij heen verstrakken muren...
Meer >

Maria – Sterre der Zee (André van der Veeke)
Maria, sterre der Zee, baden we. Het was de eerste poëzie die ik begreep...
Meer >

Babel (Ester Naomi Perquin)
Hoe ik deze woorden in mijn hoofd verzamel, tussen de ladders en pilaren van ons Babel moeizaam met de stenen sjouw.
Meer >

Met grote letters (Wiel Kusters)
Van deze Tafel moet ik op gaan staan, zodra, verzadigd, ik mijn Groeikracht mis, de Zon zich aan mij voordoet als de Maan...
Meer >

Ik is een vlag (Maria Barnas)
Ik is een vlag op een maanlandschap waar iemand metaalgaren in stak om het oneindige wapperen te bereiken dat in windstilte iets monumentaals wil betekenen.
Meer >

Apollinaire revisited (Hugo Claus)
Hier sta ik dan een zinnig man die van leven en dood kent wat een overlevende kan kennen. Zinnig? Dat weet ik niet zozeer...
Meer >

Verdreven (Jacob Groot)
Ik zwierf mij verwonderend rond, langs zilveren gerucht, onder verstuivend blauw, tot ik de winter der valleien vond.
Meer >

Zoutsneeuw (7) (Stefan Hertmans)
Op zomerdagen groeit de maan soms vol en raakt in copulatie met het licht. Eclips. De blauwe lijnen van een oog zinderen in de vlakte.
Meer >

Krop (Leonard Nolens)
Ze staat bij het raam in de diepte te staren en wijst naar de mensen, ze zegt het alweer en alweer: het leven is niets, het is niets.
Meer >

Opstel (Jan Hanlo)
Ik zou U een wijze raad geven over de liefde, lezer, en een betere inlichting over dat waarvan wij zoveel verwachten, als ik er zelf meer van wist...
Meer >

Als ik niet aan je denk of raak (Elly de Waard)
Als ik niet aan je denk of raak wens ik mij denkend met je te verstaan - dat is volmaakt.
Meer >

Ontwaken (Bernard Dewulf)
Ik vond u een ochtend in ons bed. Daar houdt de kamer ons al jaren samen. Wij hadden weer slaapwel gezegd en waren elk veranderd in ons lichaam.
Meer >

De huidigste seconde (Margreet Schouwenaar)
Dit kind in mij dat loopt op de voeten die ik laat kent geen tijd. Geen klok die slaat. Tijd is was, zij is bewaard; zij zit in mij gegoten.
Meer >

Giro Giro Tondo 15 (Ilja Leonard Pfeijffer)
Op marktplaatsen heb ik naar jou gezocht. Ik wist je naam niet, wilde die niet weten. Op elke website wist ik jou te heten, hoewel ik nergens op je hopen mocht.
Meer >

Man bites dog (Rozalie Hirs)
Het eerste dode dier dat ik vond als kind was een verkreukelde vlinder - onder een steen. Een pakje liet ik altijd ongeopend...
Meer >

Op zoek naar bloemen (Alja Spaan)
Vier woorden die hem verontrusten deelt hij in de nacht. Het zijn er meestal meer. Ik leg mijn mobiel tussen de lakens.
Meer >

Wind en boomgeruis (Lars Gustafsson)
Iemand zei: Langzaam begin ik het vermogen moe te worden te herwinnen. Het is lang geleden dat ik voor het laatst moe was.
Meer >

Beuk (Antony Samson)
In een tuin die niet de mijne is, blijft de waanzin genaamd geschiedenis aan je schors kleven.
Meer >

Geboorte (Truus Roeygens)
Akkoord iemand kneedt de vrucht in asymmetrische bolletjes. Meteen wordt gevreesd voor het grote hoofd, nee, niet groter dan een zonnebloem.
Meer >

Procurando Casa (Kamiel Choi)
Ik wil in een lijk van een huis wonen muren waarachter een stille wereld kan zijn, zacht mos op de gevel...
Meer >

Zijn stem (Maarten Moll)
In Parker's Drankenpaleis aan de grens de Duitse man die spreekt met de stem van een Amerikaanse acteur in een Duits nagesychroniseerde film.
Meer >

Wooningloze (J.J.Slauerhoff)
Alleen in mijn gedichten kan ik wonen, nooit vond ik ergens anders onderdak. Voor de eigen haard gevoelde ik nooit een zwak, een tent werd door den stormwind meegenomen.
Meer >

Samenkomst, feestelijk (Sigurbjörg Þrastardóttir)
Ik kan er niets aan doen, jullie waren uitstekende koks. Maar na het avondeten tijdens de oudejaarsconference zit mijn mond volgepropt.
Meer >

De bokking (Charles Cros)
Er was eens een grote witte muur – kaal, kaal, kaal. Tegen de muur stond een ladder – hoog, hoog, hoog. En op de grond lag een bokking – droog, droog, droog.
Meer >

Ik stierf voor schoonheid (Emily Dickinson)
Ik stierf voor Schoonheid – maar was nauw geborgen in het graf of een die stierf voor Waarheid lag één scheidswand van mij af...
Meer >

Ludwig en de kleuren (Anneke Brassinga)
Ik zie niet of ik zie de kleuren die ik zeg te zien, ik weet niet wie me aan kan wijzen...
Meer >

De angst voor het witte blad (Tom Lanoye)
Had ik de wereld geschreven, ik had haar direct weer geschrapt. Niet uit hypochondrie maar uit vakmanschap.
Meer >

Sinterklaas (Marianne Moore)
als u hem kunt vinden, mag ik dan een kameleon met een staart die krult als een horlogeveer...
Meer >

Enkelband (Frederik Lucien De Laere)
Het ultimum remedium voorbij wordt hij zijn eigen cipier, neemt de wijk niet, van de perimeter.
Meer >

Titelloos (Tjitske Jansen)
Ik zei dat ik het woord galjoen zo mooi vond. Het zat meteen de dag daarop in een gedicht van hem.
Meer >

Jongens (Max Porter)
We waren jongetjes met radiografisch bestuurbare auto's en stempeldozen en we wisten dat er iets aan de hand was.
Meer >

Terribilita (Gerrit Komrij)
De jongen is een grijze filosoof. De knieën zijn de zetel van de wijsheid. De Noordpool herbergt menige korenschoof.
Meer >

Vuilniszakken (Victor Vroomkoning)
Zoals ze daar 's morgens op de stoep tegen elkaar aan geleund warmte zoekend in hun plastic jassen staan te wachten...
Meer >

Overgebleven gedicht (W.F. Hermans)
Wie leidt geen leven als een slechtzittend pak vol vlekken? Wij gaan 's nachts met een zaklantaarn op een zonnewijzer kijken hoe laat het is.
Meer >

Polonaise (Paul van Ostaijen)
Ik zag Cecilia komen op een zomernacht twee oren om te horen twee ogen om te zien...
Meer >

Kleine Weense Wals (Frederico Garcia Lorca)
In Wenen zijn er tien meisjes, een schouder om de dood te bewenen en een bos van verdorde duiven.
Meer >

Tramlijnbegeerte (Jacob Groot)
Zo gaat het: je hoort een deur bonzen en de schelp van de ruimte bruist open; de werkelijkheid schampt langs...
Meer >

Voort (Rutger Kopland)
Van eiland naar eiland, steeds kleiner en kaler, over steeds ruimen en wijder water, tot in de laatste baai.
Meer >

De denneappel (Hans Faverey)
De denneappel die ik had afgeschroefd en in mijn hand hield, en wegwierp, trof de toevallige kever mogelijk niet.
Meer >

Nachtdrift (Job Degenaar)
Een oude wind belaagt het huis de sterren staan strak gespannen we luisteren, vinden ons in elkaar terug...
Meer >

Rookmoeder (Kreek Daey Ouwens)
Het kind in de tuin is een ander kind. Het woont in een dik huis. De moeder gaat in zachte kringen...
Meer >

Een vrouw die naakt loopt door het huis (C.D. de Andrade)
Een vrouw die naakt loopt door het huis vervult ons van zo grote geestesrust.
Meer >

Allemaal waanzin (J.P. Guépin)
Nam ik waar of dacht ik of schreef ik gewoon maar op: 'De krijsende tafel staat in brand.'
Meer >

De winter en mijn lief (Vasalis)
De winter en mijn lief zijn heen. Er zit een merel op het dak, zijn keel beweegt, zijn snavel beeft...
Meer >

Vader (Hans Lodeizen)
o vader wij zijn samen geweest in de langzame trein zonder bloemen die de nacht als een handschoen...
Meer >

Monniksoog 7 (Cees Nooteboom)
Iedereen kom ik hier tegen, duivels uit andere levens, dieren uit een vergeten blazoen...
Meer >

Geboorte (fragment) (Ed Hoornik)
De dag waait open met banieren. Gij, die in mij hebt overnacht, voor u zal ik...
Meer >

Achter mijn voet (Rolf Jacobsen)
Vlak achter je voet is de stilte het grootst en ligt er een onbekende tederheid...
Meer >

Licht, veel licht (Eke Mannink)
Zeg licht, waar kom je plotseling vandaan? In al je overvloed lig je languit op straat.
Meer >

Vrijheid (Saadi Youssef)
Eenling, je bent vrij. Je kiest een hemel en geeft hem een naam. Een hemel waarin je woont...
Meer >

De koning & zijn onderdanen (Rikkert Zuiderveld)
De tuinman legt z'n schoffel neer, z'n spade en z'n hark Want de koning loopt op blote voeten...
Meer >

Wie redde me als kind? (André van der Veeke)
Schoolreis 1958 – De Warande waar een ongeschreven regel de verdrinkingsdood verbood...
Meer >

Tragiek en ontreddering achter glas (Delphine Lecompte)
De versleten ex-bokser staat vroeg op om een nieuwe taal te leren. Ik blijf in bed liggen...
Meer >

Narrenwijsheid (II) (J.C. van Schagen)
Ge hadt God en de wereld lief toen sprong uw bretel los. Ge breiddet de armen uit...
Meer >

Begeleiding (J. JJSlauerhoff)
Deze dag zwerft in het grijze leven tussen nu en later; als een schip...
Meer >

Buiten (Gregory Corso)
Buiten duidt een gevallen zwaluw aan dat het dinsdag is O mijn hart!
Meer >

Angst (M. Vasalis)
Ik ben voor bijna alles bang geweest: voor 't donker, voor figuren op het kleed...
Meer >

Op de grens (Frank Koenegracht)
Ik verveel mij wat zal ik doen mijn lichaam langspeinzen of kippen houden.
Meer >

Droombeeld (Hagar Peeters)
Vanmorgen toen ik nog niet wakker was maar al niet meer sliep sloop onzichtbaar...
Meer >

Zij (Herman de Coninck)
Ik ben de avond waarin ik verdwaal, waarin al mijn lippen op je wachten en waarin...
Meer >

Veldnotities I (Tijs van Bragt)
Er zijn veel manieren waarop je een lichaam achter kunt laten net als geboortegrond...
Meer >

Mijn elfde jaar (Emma Crebolder)
Een vos is ingeslopen richt zijn snuit naar zee, de poten in het Pleistoceen.
Meer >

Dicht (Marieke Jonkman)
Wijder kon het niet. Iedereen kon kijken, niemand keek. Nu dreigt de sluiting, er is geen...
Meer >

Hoger III (Hans Verhagen)
Tegen alle bloedvergieten en kanariepieten in voltrekt zich mijn roeping: ik die bouwen zou...
Meer >

Sotto voce (M. Vasalis)
Zoveel soorten van verdriet, ik noem ze niet. Maar één, het afstand doen en scheiden.
Meer >

De dans der derwisjen (L.F. Rosen)
Ook is er die meer dan vreemde liefde voor een kaal kind. Vreemd want geen hond.
Meer >

Nieuwjaarsdag, kwart over twaalf (Ede Staal)
De tijd vliegt voorbij als water door mijn regenpijp. De zomer gleed...
Meer >

De schrijver (Dinie Sophie Fintelman)
Hij denkt zich een wereld van bedachtzaamheid en klimt kalm op zijn kameel...
Meer >

1 januari 1965 (Joseph Brodsky)
De wijzen zullen je adres vergeten zijn. Je zult geen ster meer zien, geen serafijn...
Meer >

Onder Weert (Jules Deelder)
In de wagen op weg naar het zuiden zagen we onder Weert bij invallend duister...
Meer >

Canzone 122 (Petrarca)
Zeventien jaren zijn verstreken sinds ik me brandde aan vlammen die nog steeds...
Meer >

Aan mijn speelkameraden (Edgar Cairo)
Eensklaps... in mij ontwaakt diep het gevoel, zo diep als ooit
Meer >

Zeilen naar Byzantium (W.B. Yeats)
Dat is geen land voor ouderen. Je ziet de jeugd stevig gearmd
Meer >

Byzantium (Lucebert)
wiegen vol beduimelde ongeborenen bontgevlekt gekoeioneerd dus goedmoeds
Meer >

Zelfpraat (Kees Francke)
Als je dan toch tegen jezelf gaat praten een maatschappelijk aanvaardbare lichte vorm...
Meer >

Solliciteren (Ingmar Heytze)
Nog nooit zo tergend opgegeten als tijdens dit gesprek door een driedelig gedaste...
Meer >